Er is een tijd geweest dat Cinema Novo werd aangekondigd met myste-rieuze rode straatlantaarns , thans zijn het sandwichmannen die het filmfestival enige ruchtbaarheid moeten geven. Gisteravond was het dan zover: de zevenentwintigste editie werd feestelijk geopend met een optreden van de percussieband Bataclãn, waarna de film Lebanon van Samuel Maoz de vrolijke stemming meteen teniet deed. Tijdens een interview vooraf met Roel Van Bambost plaatste de Israëlische regisseur wel vraagtekens bij zijn film als opener van een festival ("Usually the opening of a film festival is a celebration"), maar hij feliciteerde de organisatoren toch voor hun moed om tegen de stroom in te gaan. Het werd inderdaad een zware dobber, maar wel een zeer aangrijpende film.
De nieuwe voorzitter van Cinema Novo Piet Crauwels bedankte zijn voorganger Georges Micholt voor zijn jarenlange inzet. Hij beklem-toonde dat het festival onder zijn voorzitterschap geen drastische koerswijziging zal ondergaan, dat het vooral de bedoeling blijft om films uit Azië, Afrika en Zuid-Amerika te brengen die vaak geen kans maken in het reguliere filmcircuit. Ook schepen Yves Roose kwam aan het woord, om reclame te maken voor het stadsfestival Brugge Centraal dat in het najaar plaatsvindt, en daarna kregen we een aangrijpend interview met de regisseur van de openingsfilm Lebanon.
Samuel Maoz zei dat hij zijn herinne-ringen aan zijn aandeel in de oorlog tegen Libanon (in 1982) min of meer had kunnen verdringen, tot zijn geboorteland Israël in 2006 weer plannen maakte om Libanon aan te vallen. Dat de nieuwe generatie jongeren dezelfde zinloze gruwel zou moeten ondergaan, dwong hem ertoe verslag uit te brengen over wat hij zelf had meegemaakt. Dat werd de film Lebanon, die zich haast volledig afspeelt in de beknellende kleine ruimte van een oorlogstank, met vier onervaren soldaten als bemanning. Eén van hen heet Samuel.
Gedurende negentig minuten werden we gisteren geconfronteerd met oorlogstaferelen gezien vanuit die tank, met de nodige spanningen aan boord, maar vooral het gevoel van machteloosheid tegenover de bevelhebbers die hun onderdanen tot deze gruwel dwongen. Het zou onheus zijn om te beweren dat je vanuit je zetel in het Concertgebouw het leed van deze dienstplichtigen volledig aanvoelde, maar Maoz is er toch goed in geslaagd om een sfeer van onbehagen te creëren. Ik vermoed dat veel toeschouwers behoorlijk misselijk geworden zijn van deze film, en daardoor is het ook zo'n uitstekende getuigenis.
"Oorlog maakt beesten van de mensen", zei Maoz in het interview. "Je ondergaat een complete metamorfose. Eerst verlies je je smaakzin, daarna ga je plots heel scherp beginnen horen en zien en ten slotte kun je niet meer normaal denken en verlies je elk moreel besef. Je vecht noch voor je vaderland, noch voor je familie, noch voor je kinderen, maar om te overleven." Wat we in de film Lebanon te zien kregen, ging evenwel zover niet. Naar het einde van de film toe was de bemanning nog behoorlijk nuchter, maar de oorlog was nog niet afgelopen. We hadden wel al gezien hoe anderen onschuldige burgers genadeloos afslachtten en menselijk (en dierlijk) leed veroorzaakten. Een sterk beeld vond ik in elk geval dat van die dodelijk gewonde ezel die zich duidelijk afvroeg wat hier allemaal gaande was en waarom toch?
"Men heeft me vaak gevraagd of ik nooit nachtmerries krijg van wat ik in Libanon meegemaakt heb", zei Maoz ook nog. "Dan zeg ik steeds dat ik hoopte dat het antwoord zo simpel was. Tegenwoordig zou ik geen vlieg kwaad kunnen doen, maar aan de andere kant kan ook niets mij nog echt schokken."
(AK, 120310)
Lebanon speelt ook nog op zaterdag 13 maart om 17.30u. in de Liberty en op zondag 14 maart om 17.30u. in de Lumière
|